Image module

Noodklok

Toekomstplannen Westfries Museum

“Er moet echt iets aan de museumpanden gebeuren”, zegt Ad Geerdink, directeur van het Westfries Museum. “We weten al geruime tijd dat de monumenten aan de Roode Steen, waaronder het Statencollege, aan het verzakken zijn. Er ontstaan steeds meer scheuren in gevels en muren. In 2017 is daarover in een bouwkundig onderzoek al de noodklok geluid. Om grotere schade te voorkomen moet de fundering worden hersteld. Een kostbare operatie, maar bittere noodzaak. Bouwkundig is er echter veel meer aan de hand. En dat biedt het museum ook een kans.”

 


Onneembare vesting

 

Met al zijn trappen en niveauverschillen is het museum een onneembare vesting voor mensen die niet of minder goed ter been zijn, stelt de museumdirecteur. “Zij kunnen simpelweg het museum niet in. Dat kan anno 2021 natuurlijk echt niet meer. Bovendien is het museum met z’n niet-geïsoleerde zolders en verouderde klimaatinstallaties volstrekt niet duurzaam. De klimaatinstallaties staan al sinds 2017 op de nominatie om vervangen te worden. Ze zijn zo vaak defect dat ze een risico vormen voor de bedrijfsvoering en de collectie van het museum. Met andere woorden, onze grote kracht, de schitterende monumentale huisvesting, die het museum z’n unieke uitstraling geeft, is een risico en daarmee een zwakte geworden.”


Een unieke kans

 

Maar volgens Ad Geerdink is er niet alleen sprake van noodzaak: er doet zich ook een eenmalige kans voor. “Dat is de mogelijkheid om het museum uit te breiden met het naastgelegen pand Roode Steen 15. Daar is al langer sprake van en daar is eerder een visie voor ontwikkeld: ‘Hoorn CS’. Dat plan werd in 2020 door de gemeenteraad echter als te ambitieus ingeschat. Maar hoe luidt het spreekwoord ook al weer? Buurmans grond komt maar één keer te koop. En mevrouw De Vicq Carbasius, die het pand in 1906 aan de gemeente schonk, bepaalde in haar legaat dat haar voormalige woonhuis als museum gebruikt mocht worden. In het Projectplan Vernieuwing Westfries Museum dat op 13 april 2021 aan de raad is gepresenteerd, zijn de verschillende monumentale panden op een mooie en natuurlijke manier met elkaar verbonden. Het resultaat is een uniek monumentaal complex op de meest markante plek in de stad, met ook nog eens een zeer aantrekkelijke binnentuin.”

 


Meer eigen inkomsten

 

Die extra ruimte biedt het museum nieuwe mogelijkheden, aldus Ad Geerdink. “Het biedt kansen voor een hele nieuwe inrichting en opzet van onze presentatie. Die wordt spannender en gevarieerder, en daarmee aantrekkelijker voor een jonger, diverser en vooral ook groter publiek. Dat helpt het museum om meer eigen inkomsten te genereren en haar functie als visitekaartje en historische attractie van de stad en regio nog beter waar te maken. In de eerstvolgende nieuwsbrief vertel ik daar graag meer over.”


Complexe bouwkundige puzzel

 

De opdracht die de gemeenteraad de projectgroep op 30 juni 2020 meegaf was behoorlijk complex, benadrukt hij. “We hebben in de projectgroep heel wat zitten puzzelen hoe we de uitdagingen konden oplossen binnen de kaders ‘sober en doelmatig’. Daarbij hebben we vooral gekeken naar ‘koppelkansen’. Hoe kun je werkzaamheden die je toch moet oppakken zo uitvoeren dat je er tegelijk andere knelpunten mee kunt oplossen? Neem bijvoorbeeld het funderingsherstel, wat al vergeleken is met een ‘open hartoperatie’. Als er toch ondergronds gegraven moet worden, kun je dan niet gelijk een kelder maken waar de wisselexposities te zien zullen zijn? De bestaande expositieruimte verdwijnt namelijk vanwege de noodzakelijke verplaatsing van de entree. Het projectplan zit vol met dit soort doelmatige en kostenefficiënte oplossingen.”

 

 

Sterke innerlijke logica

 

De museumdirecteur noemt het dan ook een integraal plan met een sterke innerlijke logica. “Alle onderdelen van het vernieuwingsproject, zowel bouwkundig als museaal, zijn uitgewerkt in onderlinge samenhang. Deze samenhang is het resultaat van de goede samenwerking en inbreng van specialisten uit verschillende disciplines, zowel van binnen als buiten het museum en de gemeente Hoorn. Met Boudewijn van Langen van het Hoornse architectenbureau TPAHG Hoorn als drijvende kracht achter de bouwkundige onderdelen, Pieter Meijers als schakel tussen gemeente Hoorn en museum waar het om de monumenten gaat en Eltje de Klerk van Alpha Adviseurs als kundig projectmanager.”


Het momentum verzilveren

 

“In het woordenboek wordt momentum omschreven als: ‘een kansrijke situatie die vaak maar kort duurt’ of ‘een moment waarop het belangrijk is door te zetten’,” stelt Ad Geerdink. “Beide omschrijvingen zijn op het vernieuwingsproject van het museum van toepassing. Maar tegelijk is en blijft het ook een project waar ondanks de sobere en doelmatige opzet een miljoeneninvestering mee is gemoeid. Ik hoop van harte dat de Hoornse politiek op 15 juni het groene licht geeft voor het project. Dat wordt spannend, want we weten allemaal dat het financieel lastige tijden zijn. Daar staat tegenover dat er juist nu sprake is van een momentum dat verzilverd kan worden. Daarmee kan de gemeente Hoorn de monumenten en het verhaal van de geschiedenis van de stad een veelbelovende nieuwe toekomst geven.”